Artikel

Internationalistische FAQ over de oorlog in Iran

Nilufar Ashtari

—13 maart 2026

De VS en Israël lanceerden een illegale en roekeloze aanval op Iran. Zeven vragen en antwoorden over de agressie, over de motieven van Israël, VS en Europa, over kernwapens en over de Iraanse weerstand, theocratie en democratie.

Op 28 februari 2026 begon de oorlog waar al jarenlang voor was gewaarschuwd. Ondanks lopende onderhandelingen met Iran, lanceerden de Verenigde Staten en Israël een grootschalige aanval op Iran, met operaties die de namen Epic Fury en Roaring Lion kregen. In minder dan 24 uur werden meer dan duizend bommen gedropt. Ze maakten meer dan duizend slachtoffers, onder wie 160 kinderen uit een lagere school in Hormuzghan, vlak bij de strategische straat van Hormuz. Iran sloeg meteen terug, zoals het had gewaarschuwd, door Israël te bombarderen en Amerikaanse militaire bases aan te vallen in de naburige Golflanden.

De Opperste Leider, Ali Khameini, werd gedood, samen met enkele van zijn familieleden, onder anderen zijn vrouw, dochter en kleinkind. Ook hoge kopstukken van de Islamitische Republiek en hun familieleden moesten het met hun leven bekopen in deze decapitation strike (uitschakeling van bestuurders). De minister van Defensie, de commandant van de Revolutionaire Garde, de secretaris van de Hoge Raad van de Nationale Veiligheid, de stafchef van het leger en andere militaire en politieke topfiguren werden eveneens vermoord.

De regio staat in vuur en vlam. De wereld reageert verdeeld. Honderdduizenden aanhangers van de religieuze leider komen de straat op in heel Iran, en ook in Irak en Kashmir, uit rouw om de spirituele leider en in solidariteit met Iran tegen de oorlog. In Bahrein gaan beelden viraal waarop Bahreini’s de aanslagen op de Amerikaanse basis filmen en toejuichen. In Pakistan en Irak worden het VS-consulaat en de ambassade overrompeld en vallen er slachtoffers. In het Westen wordt betoogd voor en tegen Iran. Er zijn bijeenkomsten met slogans als “Handen af van Iran” en “Yanks go Home” naast demonstraties om de oorlog tegen Iran en de dood van diens leiders te vieren. TikTok-filmpjes van feestvierende, schaars geklede vrouwen uit de Iraanse diaspora die hun geluk niet op kunnen, doen hierbij de ronde.

Het contrast tussen de twee werelden kan niet groter zijn, ook politiek, zo getuigen politici die de oorlog expliciet toejuichen en politici die hem scherp veroordelen. Een derde groep politici erkent wel dat de aanvallen op Iran niet stroken met het internationaal recht maar acht ze wel gerechtvaardigd omdat Iran “geen model-leerling” is op vlak van mensenrechten zoals de Belgische minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot het formuleert.

Deze politieke en emotionele tweespalt verandert niets aan de feiten. Dit is een agressieoorlog, ontketend door Trump en Netanyahu, illegaal volgens internationaal recht. De aanval is een directe schending van het verbod op geweld tegen de territoriale integriteit van een soevereine staat zoals vastgelegd in het VN-Handvest en andere internationale verdragen. Bovendien gaat de aanval ook in tegen de eigen Grondwet van de VS, die het Congres als enige de bevoegdheid geeft om de oorlog te verklaren. De aanslag op de meisjesschool is een oorlogsmisdaad.

Wat wil Israël bereiken met de oorlog?

Al meer dan veertig jaar beschuldigt Netanyahu Iran ervan in het geheim aan kernwapens te werken en tracht hij de VS mee te sleuren in een oorlog tegen Iran. Door de Iraanse steun aan de Palestijnse verzetsorganisaties en de weigering de Israëlische staat te erkennen, is het land uitgegroeid tot de ultieme aartsvijand van Israël.

De confrontatie past in Netanyahu’s Nieuwe Midden-Oosten-project dat de kaart van de regio ingrijpend wil hertekenen om de Israëlische regionale hegemonie veilig te stellen. Daartoe sloot Israël ook al de Abraham-akkoorden af waarmee de betrekkingen met de VAE, Bahrein, Marokkko en Sudan werden genormaliseerd.

Israël legitimeert zijn agressie door zich als slachtoffer te presenteren en Iran permanent van terrorisme te beschuldigen – een cynische omkering van de realiteit, aangezien Israël zelf de Palestijnen al meer dan 75 jaar terroriseert, oorlogen lanceert en regime change-operaties ondersteunt zowel in als buiten de regio. De oorlog in Gaza, de voortdurende bezetting van de Westelijke Jordaanoever, de infiltratie in het zuiden van Libanon en delen van Syrië versterken Israël in zijn overtuiging van zijn onoverwinnelijkheid. Het is nu of nooit voor hen.

Gesterkt in zijn onoverwinnelijkheid na Gaza en Libanon, zet Israël alles op alles om de kaart van het ‘Nieuwe Midden-Oosten’ definitief te hertekenen.

Waar de 12-daagse oorlog in juni 2025 zich richtte op het uitschakelen van Irans nucleaire installaties, heeft deze oorlog een regime change of zelfs regime collapse tot doel. Israël wil een marionettenregering installeren die de hegemonie van Israël in de regio niet in de weg staat. Of Iran ronduit “balkaniseren” zoals dat al jaren gepromoot wordt door denktanks als de door Israël gesponsorde Foundation for the Defense of Democracies.

Net als in Syrië en Libanon spelen Israël en Amerika de etnische, religieuze en seculiere groepen tegen elkaar uit om de centrale macht te verzwakken en Iran in een permanente burgeroorlog te storten. Zo sprak Trump begin maart over het bewapenen en het aanmoedigen van Koerdische groepen om deze in te zetten tegen Iran en worden opposanten in een hybride oorlogsvoering in Iran gesteund (zie ook verder).

Wat wil de VS bereiken met de oorlog?

Het officiële Amerikaanse narratief spreekt over “de bevolking van Iran bevrijden” en “democratie brengen”. Maar de realiteit is totaal anders en veel harder. Historische precedenten – zoals Irak in 2003, Libië in 2011 – tonen dat je een volk niet bevrijdt door zijn steden en infrastructuur tot as te bombarderen. Dit soort interventies brengen geen democratie, maar langdurige instabiliteit, sektarisch geweld, failed states en nieuwe generaties vijanden.

De VS steunt Israël als zijn bruggenhoofd in de regio. Breder wil het de multipolaire wereld ondermijnen door het opkomende China en alternatieve machtsblokken die zich tegen de VS-dominantie verzetten, uit te dagen. Door Iran militair en economisch te verzwakken, wordt tegelijkertijd een signaal afgegeven aan Beijing en Moskou: pogingen om een wereld zonder Amerikaanse hegemonie komen er niet zonder slag of stoot.

De strategie van Full Spectrum Dominance vormt hiervoor de blueprint. Het is de militaire strategie van de geopolitieke ambitie. Het claimt wereldwijde militaire onoverwinnelijkheid door dominantie in alle domeinen; land, zee, lucht, ruimte, cyber, informatie/desinformatie, AI etc. De werkelijke inzet is de enorme rijkdom van Iran, zijn strategische ligging en zijn zuid-zuidsamenwerking.

Iran telt 92 miljoen mensen en is bijna even groot als heel West-Europa. Het bezit de vierde grootste olievoorraden en de op één na grootste gasreserve ter wereld. Bovendien bezit Iran 7 procent van de wereldwijde minerale reserves. Grondstoffen als zink, koper, ijzererts, uranium, en kritieke mineralen zoals lithium, zijn cruciaal voor nieuwe technologieën en de oorlogsindustrie.

Deze reserves – waarvan 90 procent in staatsbezit en nog maar 2 procent ontgonnen is – zijn ook belangrijk voor de BRICS-landen, waarin ontwikkelingslanden uit het globale zuiden op basis van solidariteit, gelijkheid en wederzijds voordeel samenwerken en kennis uitwisselen. In China’s Nieuwe Zijderoute vormt Iran een cruciale schakel voor het aanleveren van grondstoffen, die essentieel zijn voor defensie, high-tech, AI, elektrische voertuigen, magneten, batterijen, en groene energie. Via de straat van Hormuz — een zee-engte van slechts 34 km waar 20 procent van de wereldolie passeert —verkrijgt China bovendien ook 40 procent van zijn fossiele brandstoffen. De oorlog met Iran treft dus niet enkel de olieprijzen en financiële markten, hij treft China in het bijzonder.

De oorlog tegen Iran past in de grotere VS-poging om de unipolaire wereldorde sinds 1991 te behouden tegen de opkomende BRICS+.

De VS en Israël en ook Europa zien de zuid-zuidsamenwerking en de alternatieve bevoorradingsketens als een bedreiging, omdat de kritieke mineralen even cruciaal zijn als de olie in de 20e eeuw. Net als bij de door de CIA en M16 georkestreerde staatsgreep op de democratisch verkozen premier Mossadegh in 1953, is Iran opnieuw het doelwit in een imperialistische, neokoloniale oorlog.

Door zijn strategische ligging aan de Perzische Golf, als landbrug tussen het Oosten en het Westen, zijn enorme afzetmarkt en zijn fossiele en minerale rijkdom zou Iran tot een belangrijke wereldspeler kunnen uitgroeien en de BRICS flink kunnen versterken. Dit willen de VS te allen prijze vermijden. De VS wil de Nieuwe Zijderoute breken, de dollar als wereldreservemunt veilig te stellen voor de toekomst en tegelijkertijd de BRICS-alliantie ondergraven. Het verhinderen van een opkomend machtsblok, van een as van verzet, dat de de-dollarisering in de hand werkt, is dus nog een onderliggend motief voor de oorlogsvoering. Uiteindelijk gaat dit conflict om de controle over de scheepvaartroutes, de toeleveringsketens en de grondstoffen die de toekomst van de wereldeconomie zullen bepalen.

Kan Iran deze oorlog aan?

Iran reageerde met raket- en dronesaanvallen op Israël en Amerikaanse basissen, installaties en faciliteiten in de regio. “Iran zal zich nooit overgeven”, zei de Iraanse president Massoud Pezeshkian. De Iraanse Revolutionaire Garde waarschuwt dat ze “minstens zes maanden intense oorlog aankunnen”. Iran zegt ook dat het leger een grondoffensief kan afslaan mocht het zover komen.

De vraag hoe sterk Iran staat tegenover Israël en de VS is niet eenvoudig te beantwoorden. Iran heeft geen effectieve luchtmacht maar het beschikt wel over een heel arsenaal aan drones, korte- en middellangeafstandsraketten en laagvliegende kruisraketten die moeilijk te onderscheppen zijn. Gezien de grote overmacht waarmee Iran geconfronteerd wordt, is asymmetrische oorlogsvoering de hoofdstrategie geworden. Die bestaat erin de vijand af te matten in een zogenaamde uitputtingsoorlog; een beroep te doen op bondgenoten zoals de Houthi’s in Yemen en Hezbollah in Libanon en de wereldeconomie te verstoren door de straat van Hormuz onveilig te maken. Iran blijft benadrukken dat het de Golfstaten niet wil aanvallen zolang zij uit de oorlog blijven, maar dat het enkel de Amerikaanse en Israëlische belangen in deze landen wil treffen.

Voor de Islamitische Republiek is deze oorlog existentieel. Zij heeft zich hier al decennia op voorbereid, door een systematische focus op drie sleuteldomeinen: raketbouw (ballistische raketten), ruimtetechnologie en menselijk kapitaal. Daardoor beschikt ze over een groot leger van hoogopgeleide ingenieurs en wetenschappers op het gebied van raketbouw, dronetechnologie, cyber, AI-integratie etc. Het is dan ook geen toeval dat Israël tijdens de eerste uren van de twaalfdaagse oorlog als een van de eerst doelwitten een vooraanstaande AI-professor koos. Het illustreert hoe cruciaal kunstmatige intelligentie is geworden in de nieuwe vorm van oorlogsvoeren.

Terwijl bepaalde wetenschappers onvervangbaar zijn, heeft Iran ingezet op een bevelvoeringsketen die de continuïteit van de militaire verdediging moet garanderen. Deze actoren zijn vooraf gebriefd en opereren autonoom in een gedecentraliseerde structuur. Ze hoeven geen verantwoording voor hun acties af te leggen aan hun superieuren. De doctrine wordt Mosaic Defense genoemd en moet de continuïteit garanderen en een machtsvacuüm voorkomen na de aanvallen op de top.

De vastberadenheid om de grenzen te verdedigen staat hoog. Trump en Netanyahu hebben herhaaldelijk gesteld dat ze uit zijn op de “vernietiging” van de Islamitische Republiek. Iran wil de VS uit de regio verdrijven en het Israëlische Lebensraum-project een halt toeroepen. De vraag blijft of de VS en Israël, ondanks hun onmiskenbare militaire overmacht, deze oorlog wel kunnen winnen tegen een natie die zich al decennia heeft voorbereid op een existentiële oorlog. Overigens was het Israël die na de 12-daagse oorlog een staakt-het-vuren vroeg, niet Iran. Na tien dagen oorlog is al duidelijk dat dit geen quick-win wordt voor Israël en de VS, integendeel. De ultieme dreiging wordt dan of Israël en de VS de escalatie opdrijven naar het point-of-no return: de inzet van hun niet-conventionele wapens en tactische kernwapens.

Welke standpunt neemt Europa in?

President Ursula von der Leyen en EU-buitenlandminister Kaja Kallas veroordeelden de illegale aggressieoorlog tegen Iran niet. Irans verdediging daarentegen veroordeelden ze in krachtige termen als in strijd met het internationaal recht. Von der Leyen gebruikte platitudes als greatly concerning en maximal constraint voor beide partijen maar beschreef verder Irans tegenaanvallen als reckless and indiscriminate. Kallas noemde de Iraanse tegenaanvallen “onvergeeflijk” en “onverdedigbaar” en schildert de Iraanse Republiek voortdurend af als een murderous regime.

De E3-groep – met Frankrijk, Duitsland en VK – stelt zich het meest agressief op. Hun excuus is dat Iran de Britse basis Akritori in Cyprus was aangevallen met een drone. In een gezamenlijke verklaring veroordelen ze de Iraanse vergeldingsaanvallen scherp als “onverantwoord” en “onevenredig.” Ook al gaf het Britse ministerie van Defensie snel toe dat deze drone niet afkomstig was uit Iran, maar waarschijnlijk uit Libanon, toch kondigen ze “defensieve maatregelen” aan om Iraanse raket – en dronecapaciteiten aan de bron, at their source uit te schakelen. Dit betekent niet enkel een stilzwijgende steun voor de escalatie, maar ook directe deelname aan de oorlog. Het impliceert dat acties op Iraans grondgebied zullen volgen om lanceerinstallaties en capaciteiten uit te schakelen. Premier Keir Starmer gaf verder toestemming om de Britse bases te gebruiken voor “defensieve aanvallen” op raket- en dronesites maar niet op politieke en economische doelen in Iran. Ook Duitsland en Frankrijk verlenen de VS nu toestemming om VS-basissen in hun land te gebruiken om aanvallen uit te voeren tegen Iran. Frankrijk zond ook al een helikopterdekschip naar de regio. Zo dreigen ze de EU mee te sleuren in een allesvernietigende oorlog.

Voor Iran is deze oorlog existentieel. Het heeft zich hier reeds decennia op voorbereid.

Daarentegen nemen enkele Europese landen wel een moedig en eerlijk standpunt in met respect voor internationaal recht. Spanje heeft de VS de toegang ontzegd tot zijn militaire bases om Iran aan te vallen en stuurt de Amerikaanse tankvliegtuigen weg, omdat deze oorlog volgens hen illegaal is. Het spreekt er zelfs van om uit de NAVO te stappen. Ook Noorwegen en Zwitserland veroordeelden de aanval op Iran expliciet en verwezen hierbij naar het VN-Handvest en het verbod op preventieve aanvallen zonder acute dreiging.

Is Iran een gevaarlijke kernwapenstaat (in wording)?

De VS en Israël beschuldigen Iran al decennia van het bouwen van kernwapens. Al sinds de jaren 1990 beweert Netanyahu dat Iran binnen 3 tot 5 jaar in staat zou zijn om kernwapens te maken. Hij heeft die waarschuwingen vrijwel continu herhaald, onder andere in 2012 tijdens een Algemene Vergadering van de VN, toen hij zijn fameuze cartoon met een bom met een lont toonde om aan te tonen dat Iran “zeker tegen volgende zomer in staat is om zijn eerste atoombom te maken”. In zijn State of the Union van februari dit jaar uitte Trump gelijkaardige beschuldigingen.

Wat deze oorlog nu heel duidelijk maakt is dat er andere motieven spelen. De nucleaire dreiging is voor de VS en Israël al jarenlang louter een excuus om Iran via sancties onder druk te zetten en te isoleren. Op het moment van de aanval waren namelijk onderhandelingen lopend waarin Iran nog meer concessies, transparantie en inspecties wilde bieden op dat vlak.

Nilufar Ashtari in 2017 in Londen, Trafalgar Square, op een anti-Trump betoging. Nilufar Ashtari is van Belgisch-Iraanse afkomst, doctoreerde over de vrouw in de Iraanse cinema, en is oprichtster van No Iran War, een initiatief om een ander Iraans geluid te laten horen. Ze schreef verschillende artikels en opiniestukken, alvorens zich volledig toe te leggen op de denktank No Iran War.

Iran ondertekende in 1968 het Non-proliferatieverdrag (NPV) en ratificeerde het in 1970. Dat verdrag verbiedt de ontwikkeling van kernwapens. Daarenboven heeft Khameini, ironisch genoeg nu uitgeschakeld door Israël en de VS, door een “fatwa” gesteld dat het haram is – door de islam verboden – om zulke wapens te ontwikkelen. In 2015 toonde een onderzoeksrapport van het International Atomic Energy Agency (IAEA) dat er “geen geloofwaardige aanwijzingen” zijn van enige activiteit gelinkt aan kernwapens en dat er geen bewijs is voor het gebruik van nucleair materiaal voor kernwapens. En in 2025 zei de IAEA-directeur nog: “We did not find in Iran elements to indicate that there is an active, systematic plan to build a nuclear weapon”. Iraans minister van Buitenlandse Zaken Abbas Araghchi vroeg zich in een tweet retorisch af “In what language should we say we don’t want nuclear weapons?”. Er zijn geen kernwapens in Iran. De beschuldigingen dienen als een voorwendsel voor oorlog vergelijkbaar met Bush’ niet-bestaande “massavernietigingswapens” in de aanloop naar de oorlog tegen Irak.

Iran bood ook steeds transparantie maar werd desondanks herhaaldelijk bedrogen en voorgelogen door het Westen. Nog heel recent liet Iran IAEA-inspecties toe, zelfs nog in juni 2025, net voor de 12-dagen-oorlog, terwijl het daar helemaal niet toe verplicht was. Trump was namelijk in 2018, uit het nucleair akkoord met Iran van 2015 (JCPOA) gestapt. Dat akkoord was afgesloten tussen Iran en de P5+1 (VS, VK, Frankrijk, Duitsland, Rusland, China + de EU.) Trump noemde het minachtend de Obama-deal of Obama’s horrible Iran deal en verwees het naar de prullenmand. Een ander voorbeeld van hoe Iran zich bedrogen voelde is dat van 2020, toen Generaal Qasem Soleimani werd vermoord door een Amerikaanse droneaanval. De generaal was volgens de Iraakse premier Adil Abdul-Mahdi naar Irak gelokt onder het mom van een vredesvoorstel met Saoedi-Arabië en de Verenigde Emiraten. Terwijl Iran zich tijdens de onderhandelingen in de zomer van 2025 bereid toonde om hoogverrijkt uranium verder te beperken tot 3,67 procent, (JCPOA-niveau), bombardeerde Israël Iran’s nucleaire sites en vermoordde het militaire topleiders en -wetenschappers. Een dag voor Epic Fury, op 27 Februari 2026, tijdens onderhandelingen in Genève en Oman verklaarde de Omaanse minister van Buitenlandse Zaken Badr Al Busaidi, die als bemiddelaar optrad, nog dat een akkoord en de vrede binnen handbereik waren, terwijl de bommen op Iran al klaar stonden.

De nucleaire dreiging van Iran dient als een voorwendsel voor een oorlog op dezelfde manier als de niet-bestaande massavernietigingswapens voor de Golfoorlog.

Irans transparante opstelling staat in schril contrast met de nucleaire geheimhouding van Israël. Dat ondertekende het NPV nooit. Al jaren hanteert het een politiek van nucleaire ambiguïteit, terwijl het naar schatting tussen 80 en 200 nucleaire wapens heeft. Bovendien negeerde het in 1981 de aanmaning van de VN-Veiligheidsraad om zijn nucleair programma onder veiligheidsgaranties van de IAEA te plaatsen.

Is het dan verwonderlijk dat Iran weigerachtig staat t.o.v. nieuwe onderhandelingen, gegeven de verbroken akkoorden en bombardementen? Het creëert een gevaarlijk precedent dat de internationale rechtsorde alleen maar verder uitholt en ondermijnt. Hoe Irans vertrouwen terugwinnen, dat is de vraag.

Is Iran een repressieve theocratie?

In januari trokken de Iraniërs massaal de straat op. De protesten volgden op de ineenstorting van de Iraanse munt, wat catastrofale gevolgen had voor de koopkracht van de Iraniërs. Hoewel de protesten vreedzaam begonnen en vooral sociaal-economisch gemotiveerd waren, ontspoorden ze in dodelijk geweld tussen betogers en ordehandhavers. De cijfers over het aantal slachtoffers variëren sterk. Iran spreekt van 3.117 doden, waaronder 500 politieagenten en soldaten van de Revolutionaire Garde terwijl Iran Human Rights, een Amerikaanse organisatie gevestigd in Noorwegen, ongeveer 6000 bevestigde doden meldt. Er circuleren hogere, sterk uiteenlopende schattingen, wat eigen is aan informatieoorlogen in zulke conflicten. De exacte waarheid is momenteel moeilijk te achterhalen maar het dodelijk geweld is reëel en elk slachtoffer is er één teveel.

Om de volledige context te begrijpen moeten we ingaan op het staatsbestel van Iran, de geschiedenis van de protesten en de hybride oorlog van Israël en de VS.

De oppositie in Iran is divers en omvat linkse, nationalistische, royalistische, feministische en religieuze stromingen die allemaal streven naar de hervorming of afschaffing van de theocratie met haar concept van Velayate Faqih: de voogdij van de Opperste Leider. Hoewel Iran een parlement en president kiest, is dit systeem niet volledig representatief of inclusief. De verkiezingskandidaten moeten worden goedgekeurd door de Raad van Hoeders en de belangrijke wetten worden getoetst op “Islamitische compatibiliteit.”

Het concept Velayate Faqih vormt de kern van de Islamitische Republiek sinds de revolutie van 1979 tegen het door de VS gesteunde, corrupte en autoritaire regime van de Sjah. Die revolutie was niet enkel een politieke omwenteling, maar ook een culturele en religieuze. Zoektocht naar de invulling van een sjiitische identiteit. De “zuivering” van politieke tegenstanders en het opleggen van gedragsregels en kledijvoorschriften die volgden direct na de revolutie, waren brutaal en leidden tot ontslagen, arrestaties en executies – vooral ten tijde van de Iran-Irak-oorlog waarin westerse machten zich achter Saddam Hoessein schaarden.

De politieke orde werd van bij het begin uitgedaagd door individuele symbolische acties, kritische cinema en kunst, en georganiseerde protesten, van de studentenprotesten in 1999 tot de Woman/life/Freedom beweging in 2022. Telkens slaagden ze erin de grenzen van de sociale ruimte te verleggen in dialectisch proces van bestuursmaatregelen en onderhandelingen. De regels verzwakten, hervormers kwamen aan de macht en deden toegevingen op sociaal gebied. Zo is de zedenpolitie sinds 2022 nagenoeg uit het straatbeeld verdwenen en lijkt de publieke ruimte nu sterk op om het even welke andere kosmopolitische moslimstad waarin het dragen van een hoofddoek een persoonlijke keuze is.

Naast dit emancipatieproces is er de sociaal-economische strijd. De hervormers voerden een neoliberaal beleid met IMF-besparingsprogramma’s die de armen, de “onderdrukten,” de “mostasafin” – een kernbegrip in de Iran en de grootste aanhangers van de Islamitische Republiek – specifiek troffen, en ook de middenklasse niet spaarden. De huidige economische moeilijkheden zijn echter vooral een gevolg van de westerse sancties die vorig jaar nog werden aangescherpt. Daarbovenop had de 12-daagse oorlog negatieve gevolgen voor de economische activiteit en de investeringen. En de ineenstorting van de nationale munt, de rial, die 45-60 procent van zijn waarde verloor ten opzichte van de dollar, werd bovendien bewust in de hand gewerkt door het creëren van een dollartekort – een strategie die werd bevestigd door de Amerikaanse Treasury secretaris Bessent. Volgens professor John Mearsheimer zouden er zonder deze sancties nooit protesten van een dergelijke omvang zijn ontstaan.

De VS, Israël, en ook Europa, voeren dus bewust een economische oorlog om de onvrede aan te wakkeren en de spanningen op te drijven. Deze strategie wordt nog versterkt met propaganda, desinformatie, en socialemediacampagnes. Die psychologische oorlogsvoering noemen VS en Israël het Achtste Front, the Eight Frontier – in navolging van de fronten Gaza, Libanon, de Westelijke Jordaanoever, Syrië, Irak, Yemen en Iran zelf. Zo wordt bijvoorbeeld ook de vrouwenkwestie volledig gekaapt en geïnstrumentaliseerd tegen de werkelijke aspiraties van Iraanse vrouw. De veelvuldige filmpjes van schaars geklede vrouwen die al dansend de bombardementen op hun eigen land vieren met het oog op regime change, maken hier deel van uit. Het is de hybride oorlogsvoering van het Westen die de economie en de Iraanse bevolking systematisch verstikt.

Het is cynisch om slachtoffers van repressie te presenteren als mensenrechtenschending, terwijl diezelfde machten de Iraanse bevolking nu massaal bombarderen.

De januariprotesten tegen de sociaaleconomische achteruitgang begonnen vreedzaam en werden aanvankelijk in goede banen geleid door een ongewapend politiekorps. De president had hierop aangedrongen om escalatie en repressie te voorkomen, maar dat bleek een misvatting. De betogingen ontspoorden snel door gerichte aanvallen op ordehandhavers, politiekantoren, winkels, banken, ziekenhuizen en moskeeën. Sommige betogers gebruikten vlammenwerpers en Molotovcocktails; honderden auto’s en tientallen brandweerwagens werden in brand gestoken. Vele mensen sneuvelen door dit geweld. Toen de politie uiteindelijk reageerde met hardhandig ingrijpen, vielen er duizenden doden aan beide kanten.

De VS en Israël hadden een directe hand in deze ontsporing. Separatistische bewegingen aan de grenzen van Iran werden zwaar bewapend met Israëlische en Amerikaanse wapens, en massaal binnengesmokkelde Starlink-apparatuur en telefoons dienden als logistiek voor de opstand. Mike Pompeo stuurde zijn beruchte tweet de wereld in dat “naast elke demonstrant een Mossad-agent staat” – een claim die een Israëlisch minister heeft bevestigd. Via Perzische tweets riep de Mossad de Iraniërs op om massaal de straat op te gaan. Iran moest en zou branden om de geplande regime change te ontketenen. Het doel van deze verdeel-en-heersstrategie was een totale escalatie. Dat hierbij duizenden onschuldigen sneuvelden door geweld van zowel de overheid als buitenlandse agenten, was voor de aanstichters van geen enkel belang.

Het is cynisch dat de slachtoffers die vielen tijdens de protesten worden opgevoerd als een schending van de mensenrechten door de Islamitische Republiek, terwijl VS en Israël die spanningen maximaal hebben opgevoerd en de Iraanse bevolking nu massaal bombarderen. Elke dag dat deze oorlog voortduurt, is een dag te veel. Er vallen voortdurend honderden slachtoffers door de bommenregen. Men kan het eens of oneens zijn met de politiek van Iran, het is aan de Iraniërs zelf om hun toekomst te bepalen. Het is de taak van de Verenigde Naties om op te treden tegen schendingen van mensenrechten, niet aan Israël en de VS.

Wat nu? Wat kunnen we doen?

Gedreven door macht en hebzucht leiden Trump en Netanyahu de wereld naar de afgrond. Hun agressieve beleid dreigt niet alleen West-Azië in chaos te storten, maar ook de hele wereld in een escalerende crisis te trekken. Elke oorlog eindigt uiteindelijk met diplomatie: via een staakt-het-vuren, onderhandelingen of een vredesverdrag. De enige echte vraag is hoe hoog de prijs zal zijn voordat het zover is.

Als de EU werkelijk iets wil betekenen voor de Iraanse bevolking, dan begint ze het beste met de sancties op te heffen.

De Europese Unie en haar lidstaten moet een duidelijke keuze maken voor internationaal recht en soevereiniteit. Ze moeten alles doen om de oorlog te stoppen, te beginnen met te eisen dat de VS en Israël hun aanvallen onmiddellijk staken en te stoppen met hun aanvallen te faciliteren. Alleen zo kan verdere doden en gewonden, vernietiging en regionale instabiliteit worden voorkomen. Als de EU werkelijk iets wil betekenen voor de Iraanse bevolking, dan begint ze het beste met de sancties op te heffen. De oorlog heeft verwoestende gevolgen voor de Iraanse bevolking. In de EU treft de oorlog de werkende klasse die de prijs betaalt in de vorm van hogere energierekeningen en economische crisis. Voor hen moeten dringend maatregelen komen om de bestaanszekerheid en de koopkracht te beschermen

Het verzet tegen de oorlog zal van onderuit moeten komen. Tijdens de oorlog van de VS tegen Irak in 2003 kwamen wereldwijd naar schatting 36 miljoen mensen op straat in meer dan 600 steden – de grootste anti-oorlogsdemonstraties ooit. Deze oorlog is niet anders dan die tegen Irak maar de permanente demonisering en dehumanisering van Iran, gedurende meer dan 40 jaar, hebben hun vruchten afgeworpen.

Hier ligt een grote taak van correcte informatie en sensibilisering. Iran vecht onze oorlog tegen het imperialisme, tegen brute overheersing, tegen de plannen om de grondstoffen, toeleveringsketens en doorvaarroutes onder controle te krijgen. De strijd van het Iraanse volk voor zijn soevereiniteit verdient alle steun, in deze ongelijke confrontatie die dreigt Iran totaal te vernietigen: zijn mensen, zijn cultuur, zijn architectuur, zijn infrastructuur, zijn toekomst.