Alerta Arizona

“Arizona snoeit in de internationale solidariteit en brengt levens in gevaar”

Antoinette van Haute

—19 december 2025

Alerta Arizona n*15 – Ontdek in onze reeks Alerta Arizona de vurige opinies tegen de sociale woestijn van De Wever en Bouchez.

Antoinette van Haute is onderzoekster Financiering van Ontwikkeling bij CNCD-11.11.11. De CNCD-11.11.11 (Centre nationale de coopération au développement) coördineert meer dan 70 Belgische ngo’s die actief zijn in de internationale solidariteit.

Begin 2025 kondigde de Arizona-regering aan dat zij het budget voor internationale samenwerking met 25% wil verminderen. Dat betekent dat een kwart van de middelen wordt geschrapt die vandaag naar de meest kwetsbare mensen ter wereld gaat. Dit terwijl België minder dan 0,5% van zijn bruto nationaal inkomen besteedt aan internationale samenwerking. Die bijdrage is beperkt, maar de resultaten zijn aanzienlijk. Op wereldschaal droeg internationale samenwerking de afgelopen decennia bij tot de halvering van extreme armoede, de volledige uitroeiing van bepaalde ziektes en een wereldwijde toename van zowel de levensverwachting als de het aantal schoolgaande kinderen.

Een recente studie schat dat tegen 2030 wereldwijd 22,6 miljoen mensen, onder wie 5,4 miljoen kinderen, zouden kunnen overlijden als gevolg van besparingen op internationale samenwerking door de Verenigde Staten en Europese landen. Wanneer Arizona besluit dezelfde trend te volgen, kiest ze er simpelweg voor om kinderen te laten sterven.

Deze beslissing ondermijnt bovendien niet alleen levens, maar ook onze collectieve veiligheid. Internationale samenwerking is een immers een essentieel instrument voor vrede en stabiliteit op de lange termijn. Wanneer een ziekte aan de andere kant van de wereld wordt uitgeroeid, wordt ieders gezondheid beschermd. Wanneer landen in het Globale Zuiden worden ondersteund om te investeren in hernieuwbare energie in plaats van fossiele brandstoffen, draagt dat bij aan klimaatstabiliteit. Wanneer conflicten worden voorkomen, wordt duurzame vrede opgebouwd. In de diep onderling verweven wereld van vandaag zijn dit geen altruïstische neveneffecten, maar gedeelde belangen. Net in een context van toenemende instabiliteit, waarin landen zich terugtrekken achter nationale grenzen, is internationale samenwerking onmisbaar om problemen aan te pakken die die grenzen overstijgen.

Naast haar humanitaire en stabiliserende rol is internationale samenwerking bovendien een strategische investering – zelfs vanuit strikt eigenbelang. Het voorkomen van een conflict kost zestien keer minder dan het beheren van de gevolgen ervan. Het voorkomen van een pandemie is zelfs vijfhonderd keer goedkoper dan haar achteraf te moeten bestrijden. Internationale samenwerking werkt als een intelligent preventie-instrument dat dure en schadelijke catastrofes voor onze planeet, economie en samenleving helpt vermijden.

Daarnaast is er de democratische dimensie. Volgens een recente peiling zijn er in België twee keer zoveel mensen die willen dat de ontwikkelingssamenwerking toeneemt, als mensen die pleiten voor een vermindering ervan. Belgische burgers vragen niet minder, maar meer internationale solidariteit – zeker wanneer duidelijk wordt over welke bedragen het gaat. Het budget voor Belgische ontwikkelingssamenwerking bedraagt ongeveer 1 miljard euro, waarvan de regering-Arizona bovendien een kwart wil schrappen. Tegelijkertijd wil diezelfde regering het defensiebudget fors verhogen. Dat budget verdubbelde al tussen 2017 en 2024 van 4 naar 8 miljard euro. Vandaag wil Arizona het optrekken tot meer dan 12 miljard euro om in 2025 de NAVO-norm van 2% van het bbp te bereiken, een stijging van meer dan 4 miljard euro in één jaar. Daarbovenop kondigde zij aan tegen 2034 15 miljard euro aan defensie te willen besteden, goed voor 2,5% van het bbp. De Arizona-regering zou defensie daarmee vijftien keer meer willen financieren dan internationale samenwerking, terwijl net die laatste conflicten helpt voorkomen en op lange termijn vrede opbouwt. In tijden waarin dronevluchten de bevolking begrijpelijkerwijs verontrusten, is het belangrijk te benadrukken dat defensie hoogstens militaire afschrikking biedt. Militarisering bouwt echter geen duurzame vrede.

Minder dan 5% van de wereldwijde militaire uitgaven zou volstaan om honger in de wereld uit te roeien

Een andere relevante vergelijking benadrukt deze tegenstrijdige beleidskeuzes. België blijft jaarlijks ongeveer 13 miljard euro besteden aan subsidies voor fossiele brandstoffen. Hoewel bepaalde sociale steunmaatregelen behouden moeten blijven, komt het grootste deel van deze subsidies terecht bij vervuilende activiteiten zonder maatschappelijke meerwaarde en vertraagt het de ecologische transitie. Het is moeilijk te verantwoorden dat dertien keer meer middelen worden vrijgemaakt voor schadelijke subsidies die het klimaat ontwrichten, dan voor internationale samenwerking die hernieuwbare energie financiert en zo bijdraagt aan klimaatstabiliteit.

Alles is uiteindelijk een kwestie van politieke keuzes. Minder dan 5% van de wereldwijde militaire uitgaven zou volstaan om honger in de wereld uit te roeien. Met slechts een kwart daarvan zouden extreme armoede, aids en polio kunnen worden uitgebannen, en zou toegang tot onderwijs voor alle meisjes wereldwijd kunnen worden gegarandeerd.

CNCD-11.11.11 roept de Arizona-regering dan ook op om af te stappen van de geplande besparingen van 25% op internationale samenwerking en deze budgetten integendeel opnieuw te versterken. Alleen zo kan België de internationale doelstelling benaderen om minstens 0,7% van zijn bbp aan ontwikkelingssamenwerking te besteden. Zo’n bijdrage zou nog steeds bescheiden blijven, maar ze zou duidelijk maken dat ons land wil bouwen aan een wereld gebaseerd op samenwerking en solidariteit – en niet aan wereld van isolatie, individualisme en het recht van de sterkste.