Al een aantal jaren is er veel te doen over het maximum aantal uren voor studentenjobs. Sommigen willen meer kunnen werken om hun studie te betalen. Anderen vinden dat dit onrechtvaardig is en ongelijkheden versterkt: wij behoren tot die groep.

Arizona kiest partij
De Arizona-regering heeft partij gekozen in dit debat. N-VA, MR en de rest van de nieuwe regering hebben de verhoging van het plafond voor studentenarbeid goedgekeurd. Het stijgt van de huidige 475 uur naar 650 uur per jaar. Men moet wel begrijpen dat dit debat deel uitmaakt van een bredere context van toenemende precariteit onder studenten. In tegenstelling tot wat de voormalige minister van Hoger Onderwijs Françoise Bertieaux (MR) ons wil doen geloven, is de precariteit onder studenten geen uitvinding van de FEF1. Volgens een rapport uit 2019 bevond 36% van de Franstalige studenten zich toen al in een precaire situatie. De COVID-19-crisis heeft deze situatie alleen maar verergerd en een diepgeworteld structureel probleem aan het licht gebracht2. Daardoor is de studentenjob als seizoenswerker of tijdelijk vervanger marginaal geworden. We zien een omkering van de curven tussen “studentenjobs het ganse jaar door” en “zomerjobs”. Deze trend komt overeen met een pijnlijke realiteit. De meerderheid van de jobstudenten van vandaag werkt om zichzelf te onderhouden , eerder dan om wat zakgeld te verzamelen 3.

De regering heeft nu een kant-en-klare oplossing bedacht: permanente studentenjob. Vanuit het standpunt van de regering is de logica als volgt: Studentenjobs zijn in veel sectoren winstgevend. Studenten mogen werken zonder belasting te betalen op een deel van hun inkomsten, terwijl werkgevers lagere socialezekerheidsbijdragen genieten wanneer ze hen in dienst nemen4. Deze regeling moedigt studenten aan om in het bedrijfsleven te komen werken. De precariteit onder studenten is dus toegenomen, en parallel hiermee hebben we de afgelopen twintig jaar een stijging gezien van het aantal werkzoekende studenten. De cijfers zijn ongelooflijk ! Tussen 2006 en 2023 is het aantal werkende studenten onophoudelijk gestegen, 41% over de laatste tien jaar5.
De jobstudenten van vandaag voornamelijk om in hun behoeften te voorzien, in plaats van voor zakgeld.
Deze maatregel wordt niet alleen ingevoerd om het probleem van precariteit bij studenten op te lossen, maar ook als voordeel voor de werkgevers. We zien een toename van jobs die specifiek gericht zijn op studenten6. De flexibilisering van de arbeidsmarkt komt tegemoet aan de behoeften van het bedrijfsleven, maar gaat ten koste van de rechten van werknemers. Werkgevers geven de voorkeur aan deze goedkope arbeidskrachten, vanwege de lagere socialezekerheidsbijdragen. Op lange termijn ondermijnen de mindere bijdragen dus het hele socialezekerheidsstelsel7. Deze toename van studentenjobs zet zo de oneerlijke concurrentie met werknemers verder op scherp.
Universiteit rijmt op precariteit
Meer uren mogen werken is dus de oplossing die onze nieuwe Arizona-regering voorstelt om de bestaans-onzekerheid onder studenten aan te pakken. Deze oplossing verraadt hoe zij de oorsprong van precariteit ziet. “Ben je arm? Doe er iets aan, door harder te werken!” luidt de boodschap die Valérie Glatigny (MR – een partij die vandaag nog steeds in de regering zit) uitdraagt wanneer ze de hervorming van het landschapsdecreet voorstelt. Dit was overduidelijk toen Glatigny de hervorming van het landschapsdecreet doorvoerde8. Er wordt met de vinger gewezen naar studenten die hun studie niet “snel genoeg” afronden. Want uiteindelijk geldt: “waar een wil is, is een weg”. Glatigny heeft geen ongelijk als ze erop wijst dat langere studieperiodes de precariteit onder studenten aanwakkeren. Het is onmiskenbaar zo dat het steeds moeilijker wordt om voor meerdere jaren een kot en boodschappen te betalen. Verder is het belangrijk om te benadrukken dat de hoge kostprijs van een studiejaar een algemeen probleem is, omdat het alle studenten treft, Vlaamse, Waalse en Brusselse9. Tegelijkertijd is de verplichting om deze tijd te verkorten niet de oplossing. Om dit te begrijpen is het essentieel om een breder fenomeen te analyseren.

Universiteiten reproduceren de sociale ongelijkheden die al aanwezig zijn in de samenleving. We hebben niet allemaal dezelfde kansen op succes vanaf het begin. Als je moeder naar de universiteit is geweest, heb je 10 keer meer kans hebt om een hogeronderwijsdiploma van het lange type te behalen dan iemand wiens moeder helemaal geen diploma’s heeft10. Als je moeder geen diploma heeft, heeft ze waarschijnlijk een baan die minder betaalt. Als ze minder geld heeft, zal het moeilijker voor haar zijn om voor jou te zorgen. Bovendien is het hoger onderwijs een wereld op zich, met eigen codes; als je ouders die niet kennen, zul je ze ‘op eigen houtje’ moeten ontdekken en je aanpassen. Omgekeerd vertrekken kinderen van wie de ouders een hoger diploma hebben al meteen met dit (enorme) voordeel11. Bovendien stijgen de indirecte kosten van studies, omdat we ons in een crisisperiode bevinden waarin alles meer gaat kosten.12.
De redenen waarom studenten werken zijn nu vrij duidelijk. Sommigen werken meer dan anderen, en vaak al vanaf het begin van hun studies. Dus waarom zou het een probleem zijn om jobstudenten 175 uur meer te laten werken? Simpelweg omdat een student die meer tijd besteedt aan werken, minder tijd beschikbaar heeft voor zijn studie13. We zagen eerder dat niet alle jobstudenten met dezelfde intensiteit werken. Arbeiderskinderen hebben bijvoorbeeld vaak studentenjobs die geen verband houden met hun studie, wat hun kansen op succes nog verder verkleint14. Ze zullen meer hindernissen ondervinden om te slagen in hun studies en ze zullen moeten bijklussen om in hun levensonderhoud te voorzien. Daardoor zullen ze minder tijd aan hun studie kunnen besteden. Het is een vicieuze cirkel.
Universiteiten reproduceren de sociale ongelijkheden die al aanwezig zijn in de samenleving. We hebben niet allemaal dezelfde kansen op succes vanaf het begin.
Studenten meer uren laten werken, zoals de Arizona-regering wil, vergroot duidelijk de sociale ongelijkheid. Niet alleen drukt ze de mensen die ze beweert te willen helpen naar beneden, maar ze draagt op die manier ook bij aan de normalisering en individualisering van precariteit. In plaats van structurele oplossingen voor te stellen om de precariteit onder studenten te bestrijden, maakt deze maatregel studenten individueel verantwoordelijk door hen te dwingen meer te werken, zonder de bestaande ongelijkheden aan te pakken. Hiermee verdedigt de regering een duidelijke visie op hoger onderwijs: een model waarin individuele inspanninggen worden gewaardeerd ten koste van werkelijk gelijke toegang tot hoger onderwijs. Deze beleidskeuzes versterken de ongelijkheid en vergroten de kloof tussen degenen die zich volledig kunnen wijden aan hun studies en degenen die moeten jongleren met dringende financiële verplichtingen.
Het probleem is niet de wilskracht van de studenten om te slagen, maar hun plaats in de maatschappij. In een systeem ontworpen door en voor de rijken geldt: hoe rijker je bent, hoe minder je hoeft te werken en hoe sneller en beter je studeert. Het wordt essentieel om hoger onderwijs echt toegankelijk te maken voor iedereen. Niemand zou verplicht moeten werken om een fundamenteel recht als onderwijs te kunnen genieten.
Footnotes
- FEF: De Fédération des Étudiants-e-s Francophones is een representatieve studentenorganisatie van de Franstalige Gemeenschap van België.
- Fraipont, M. en Maes, H. (2021). Précarité étudiante et Covid-19 : catalyseur plus que déclencheur. La Revue Nouvelle, nr. 3(3), 5-9.
- Jeunes FGTB. 2023/2023 Alles wat nog nooit gezegd is over studentenjobs [Persdossier].
- Een verlaging van de sociale lasten betekent dat de werkgever minder socialezekerheidsbijdragen betaalt wanneer hij een student aanwerft, waardoor de kosten om hem in dienst te nemen dalen.
- Delbar, C., & Léonard, E. (2002). Le travail intérimaire. Courrier hebdomadaire du CRISP, n°1778, Centre de recherche et d’information socio-politiques (CRISP), Brussel, blz. 42.
- Jeunes FGTB. 2023/2023 Persdossier: Alles wat nog nooit eerder is gezegd over studentenjobs. Jeunes FGTB.
- Delbar, C., & Léonard, E. (2002). Le travail intérimaire. Courrier hebdomadaire du CRISP, n°1778, Centre de recherche et d’information socio-politiques (CRISP), Brussel, blz. 42.
- Réforme du décret paysage ou comment plonger les étudiants encore plus dans la merde
- La Libre Belgique: (2023, 8 september) Combien coûte une année dans le supérieur ? Une nouvelle étude répertorie les frais à prendre en compte.
- « Dis-moi qui sont tes parents, je te dirai qui tu es »
- Bourdieu, P. (1971). Reproduction culturelle et reproduction sociale. Social Science Information, 10(2), 45-79. https://doi.org/10.1177/053901847101000203
- Geharmoniseerde index van consumentenprijzen – januari 2025 | Statbel
- Zilloniz, S. (2017). L’activité rémunérée des étudiants et ses liens avec la réussite des études Les enseignements des enquêtes Emploi 2013-2015. Travail et emploi, nr. 152(4), 89-117. https://doi.org/10.4000/travailemploi.7776.
- Ibid.