Artikel

Een tijd van tegenstellingen

Vijay Prashad

—25 april 2022

Geen enkele staat mag de zogenaamde “zekerheden” aanvaarden die de dynamiek van de Koude Oorlog versterken. Noch mogen zij de gevaarlijke gevolgen verwaarlozen van regimewissels.

Shutterstock
Vijay Prashad is een Indische geschiedkundige en journalist. Hij schreef onder andere Washington Bullets (Monthly Review, 2020), Red Star Over the Third World (Pluto Press, 2019) en The Darker Nations (The New Press, 2008).

De diepe krochten van onze tijd, de verschrikkelijke oorlogen en de verwarrende, van enige wijsheid gespeende informatie die voorbij flitst, zijn allemaal moeilijk te vatten. Elk vindt zijn gading tussen de vele zekerheden die de ether en het internet overspoelen, maar zijn die het resultaat van een eerlijke beoordeling van de oorlog in Oekraïne en de sancties tegen Russische banken (die deel uitmaken van een breder sanctiebeleid van de Verenigde Staten dat nu zowat dertig landen treft)? Erkennen zij de gruwelijke realiteit van de toegenomen honger die een gevolg is van die oorlog en de sancties? Veel van de “zekerheden” lijken verstrikt in de “Koude Oorlog-mentaliteit”, die de mensheid beschouwt als onomkeerbaar verdeeld in twee partijen die met getrokken messen tegenover elkaar staan. Daar is echter niets van aan. De meeste landen hebben het moeilijk om een onafhankelijk standpunt in te nemen over de door de VS opgelegde “nieuwe Koude Oorlog”. Het conflict tussen Rusland en Oekraïne is een symptoom van bredere geopolitieke gevechten die al tientallen jaren woeden.

Roekeloze uitspraken over een regimewissel kunnen niet onbeantwoord blijven. Ze moeten universeel worden betwist.

Op 26 maart definieerde de Amerikaanse president Joe Biden in het Koninklijk Kasteel in Warschau (Polen) enkele zekerheden en noemde de oorlog in Oekraïne “een strijd tussen democratie en autocratie, tussen vrijheid en repressie, tussen een op regels gebaseerde orde en een met bruut geweld opgelegde orde”. Die tweedeling is niet meer dan een hersenspinsel van het Witte Huis, wiens houding tegenover een “op regels gebaseerde orde” niet gestoeld is op het Handvest van de VN, maar op “regels” die de VS zelf uit zijn duim zuigt. Bidens antinomieën bereikten hun toppunt met één beleidsdoelstelling: “In godsnaam, die man kan niet aan de macht blijven”, zei hij, doelend op de Russische president Vladimir Poetin. Bidens bekrompen kijk op het conflict in Oekraïne heeft geleid tot een openlijke oproep tot regimewissel in Rusland, een land met 146 miljoen inwoners met een regering die over 6.255 kernkoppen beschikt. De VS heeft zelf een lange geschiedenis van gewelddadige tussenkomsten in verschillende landen om er zijn zeg te hebben over het bewind. Zulke roekeloze uitspraken over een regimewissel kunnen dan ook niet onbeantwoord blijven. Ze moeten universeel worden betwist.

Het zwaartepunt van de Russische oorlog is overigens niet Oekraïne, hoewel dat land er nu het grootste slachtoffer van is. De cruciale vraag is of Europa eigen projecten zal kunnen opzetten, los van de VS en zijn Noord-Atlantische agenda. Tussen de val van de USSR (1991) en de wereldwijde financiële crisis (2007-08) zochten Rusland, de nieuwe post-Sovjetrepublieken (waaronder Oekraïne) en andere Oost-Europese staten aansluiting bij het Europese systeem en ook bij de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO). Rusland trad in 1994 toe tot het Partnerschap voor Vrede van de NAVO, terwijl zeven Oost-Europese landen (waaronder Estland en Letland, die aan Rusland grenzen) in 2004 lid werden van de NAVO. De wereldwijde financiële crisis maakte duidelijk dat er van een volledige integratie in het Europese project geen sprake kon zijn omdat Europa zelf op vele fronten kwetsbaar was.

Het Tricontinental Institute for Social Research is een internationale onderzoeksinstelling die zich nauw verbindt met sociale bewegingen. Het richt zich op het stimuleren van intellectueel debat dat menselijke belangen dient en niet die van het geld.

Op de Veiligheidsconferentie van München in februari 2007 stelde de Russische president de VS-pogingen om een unipolaire wereld te creëren, aan de kaak. “Wat is een unipolaire wereld?”, vroeg Poetin. “Hoe we die term ook opsmukken, hij betekent één centrum van macht, één centrum van kracht en één meester”. Hij verwees naar de terugtrekking van de VS uit het ABM-Verdrag (Verdrag voor de beperking van ballistische raketten) in 2002 (wat hij destijds had bekritiseerd) en de illegale oorlog van de VS in Irak in 2003 en zei: “Niemand voelt zich nog veilig omdat niemand zich nog kan verschuilen achter het internationaal recht”. Later, tijdens de NAVO-top van 2008 in Boekarest (Roemenië), waarschuwde Poetin voor de gevaren van de oostwaartse uitbreiding van de NAVO en lobbyde hij tegen de toetreding van Georgië en Oekraïne tot de militaire alliantie. Het jaar erop sloot Rusland samen met Brazilië, China, India en Zuid-Afrika het BRICS-blok als alternatief voor de door het Westen gestuurde globalisering.

Generaties lang is Europa afhankelijk geweest van de invoer van aardgas en ruwe olie, eerst uit de USSR en daarna uit Rusland. Die afhankelijkheid van Rusland nam toe naarmate de Europese landen hun gebruik van steenkool en kernenergie afbouwden. Tegelijkertijd zetten zowel Polen (2015) als Italië (2019) hun handtekening onder China’s project van de Nieuwe Zijderoute. Tussen 2012 en 2019 introduceerde de Chinese regering ook het 17+1-initiatief, dat zeventien Midden- en Oost-Europese landen bij de Nieuwe Zijderoute betrekt. De integratie van Europa in Eurazië opende de deur naar een eigen onafhankelijk buitenlands beleid. Maar dit was zonder de waard gerekend! De hele schijnvertoning van een “wereldwijde NAVO” – in 2008 verwoord door de toenmalige secretaris-generaal Jaap de Hoop Scheffer – was een van de middelen om dat te voorkomen.

De integratie van Europa in Eurazië opende de deur naar een eigen onafhankelijk buitenlands beleid. Maar dit was zonder de waard gerekend!

Uit vrees voor de grote veranderingen in Eurazië opereerde de VS op twee fronten: commercieel en diplomatiek/militair. Op commercieel gebied probeerde de VS de Europese afhankelijkheid van Russisch aardgas te verhelpen met de belofte van vloeibaar aardgas (lng) van zowel Amerikaanse leveranciers als van Arabische Golfstaten. Aangezien lng veel duurder is dan gas via pijpleidingen, was dit niet echt een aantrekkelijk voorstel. De ondernemingen van Silicon Valley konden de Chinese vooruitgang op hoogtechnologisch gebied – telecommunicatie, robotica en groene energie – niet meer tegenhouden, waarop de VS twee andere instrumenten nieuw leven inblies. Er werd weer gezwaaid met de “War on Terror” om Chinese ondernemingen te weren (vanwege veiligheids- en privacy-overwegingen) en overgegaan tot diplomatieke en militaire manoeuvres om het Russische gevoel van stabiliteit op de proef te stellen.

De VS-strategie leverde echter niet volledig het gewenste resultaat op. De Europese landen zagen in dat er geen doeltreffend alternatief was voor Russische energie of Chinese investeringen. Huawei’s telecommunicatie-instrumenten verbieden en de goedkeuring van NordStream 2 tegenhouden zouden de Europese bevolking alleen maar schaden. Zoveel was duidelijk. Minder duidelijk was evenwel dat de VS tegelijk de veiligheidsarchitectuur begon af te bouwen, en dus ook de zekerheid dat geen enkel land een nucleaire oorlog zou beginnen. In 2002 zegden de VS eenzijdig het ABM-Verdrag op en in 2018-19 het INF-Verdrag (dat alle raketsystemen met een reikwijdte van 500 tot 5.500 kilometer verbood). De Europese antiatoombeweging had in 1987 een sleutelrol gespeeld in de totstandkoming van het INF-verdrag, maar na de opzegging van het verdrag in 2018-19 bleef het in Europa betrekkelijk stil. In 2018 verlegde de VS de focus van zijn nationale veiligheidsstrategie van de wereldwijde oorlog tegen terreur naar het voorkomen van het “weer opduiken van langdurige, strategische concurrentie” van “zo goed als vergelijkbare rivalen” zoals China en Rusland. Tegelijkertijd begonnen Europese landen in het kader van de NAVO manoeuvres uit te voeren in de Oostzee, de Noordelijke IJszee en de Zuid-Chinese Zee op basis van het principe van de vrijheid van scheepvaart, wat evenwel door China én Rusland als bedreigend werd aangevoeld. Al die stappen zorgden voor een grote toenadering tussen Rusland en China.

De Europese antiatoombeweging had in 1987 een sleutelrol gespeeld in de totstandkoming van het INF-verdrag, dat nucleaire langeafstandsraketten verbiedt.

Rusland heeft herhaaldelijk laten weten dat het die tactiek wel door had en dat het zijn grenzen en zijn regio met geweld zou verdedigen. Toen de VS zich in 2012 in Syrië en in 2014 in Oekraïne ging bemoeien, dreigde Rusland zijn twee belangrijkste warmwaterhavens (Latakia in Syrië en Sebastopol op de Krim) te verliezen. Dat is de reden waarom Rusland in 2014 de Krim annexeerde en in 2015 zelf militair tussenkwam in Syrië. Uit die acties kon afgeleid worden dat Rusland zijn leger zou blijven inzetten ter bescherming van wat het land beschouwt als zijn nationale belangen. Oekraïne sloot vervolgens het Noord-Krimkanaal af dat het schiereiland voorzag van 85% van zijn watervoorziening. Rusland werd gedwongen de regio voortaan te bevoorraden via de brug over de Straat van Kertsj, die tussen 2016 en 2019 werd gebouwd en een flinke duit kostte. Rusland had geen behoefte aan “veiligheidsgaranties” van Oekraïne of zelfs van de NAVO, maar vroeg die wel van de Verenigde Staten. In Moskou bestond immers de vrees dat de VS kernraketten voor de middellange afstand rond Rusland zou plaatsen.

In het licht van die recente geschiedenis staan de reacties van onder meer Duitsland, Japan en India bol van de tegenstrijdigheden. Elk van die landen heeft Russisch aardgas en ruwe olie nodig. Zowel Duitsland als Japan hebben sancties opgelegd aan Russische banken, maar noch de Duitse bondskanselier Olaf Scholz, noch de Japanse premier Fumio Kishida kunnen de invoer van energie stopzetten. Ondanks het feit dat India samen met Japan deel uitmaakt van het door de VS gesteunde Quad (the Quadrilateral Security Dialogue tussen de VS, Japan, India en Australië) heeft het land geweigerd zich aan te sluiten bij de veroordeling van Rusland en de sancties tegen zijn banksector. Die landen moeten de tegenstellingen van onze tijd oplossen en de onzekerheden tegen elkaar afwegen. Geen enkele staat mag de zogenaamde “zekerheden” aanvaarden die de dynamiek van de Koude Oorlog versterken. Noch mogen zij de gevaarlijke gevolgen verwaarlozen van regimewissels en de daarmee gepaard gaande chaos.

Het is altijd een goed idee om even stil te staan bij de stille charme van de gedichten van Tōge Sankichi, die in 1945 de atoombom zag vallen op zijn geboortestad Hiroshima en zich later aansloot bij de Japanse Communistische Partij om te strijden voor vrede. In zijn “Oproep tot actie”, schreef Sankichi:

“Strek die groteske armen uit
naar de vele eendere armen
en, als het lijkt alsof die flits misschien weer gaat vallen,
hou dan de vermaledijde zon omhoog:
zelfs nu is het nog niet te laat.”

Deze nieuwsbrief verscheen oorspronkelijk op de website van het Tricontinental Institute.